Fietsstraten die juist veel autoverkeer verwerken, blijken in de praktijk regelmatig te smal te zijn. Daarvoor waarschuwt SWOV op basis van onderzoek naar de inrichting en veiligheid van fietsstraten in Nederlandse gemeenten.
Volgens SWOV laat een steekproef van 87 fietsstraten zien dat ongeveer een kwart smaller is dan op grond van richtlijnen en het feitelijke gebruik wenselijk is. Juist op locaties waar relatief veel auto’s rijden, wringt dat met het uitgangspunt van de fietsstraat als route waar de fietser centraal staat.
De studie past in breder onderzoek van SWOV naar de veiligheid van fietsstraten. Eerder wees het instituut er al op dat de combinatie van rijbaanbreedte en auto-intensiteit een belangrijke voorspeller is voor hinderlijke of gevaarlijke ontmoetingen op fietsstraten. Ook hogere snelheden van gemotoriseerd verkeer en de aanwezigheid van bredere rabatstroken werden in eerder onderzoek in verband gebracht met meer risicovolle situaties.
In een eerdere pilotstudie signaleerde SWOV daarnaast dat een hoge kruispuntdichtheid, veel parkeervakken en brede rabatstroken op fietsstraten samen lijken te gaan met meer ongevallen. Daarmee lijkt de inrichting van dit type straat nadrukkelijk van belang voor de verkeersveiligheid.
De nieuwe constatering is relevant nu fietsstraten in veel gemeenten worden ingezet om fietsen aantrekkelijker en veiliger te maken. Als de beschikbare ruimte beperkt is en tegelijk relatief veel autoverkeer wordt toegelaten, kan dat volgens de lijn van het SWOV-onderzoek juist afbreuk doen aan het veiligheidsdoel van de fietsstraat.
SWOV vervolgt het onderzoek naar fietsstraten. De uitkomsten kunnen gemeenten helpen bij de vraag wanneer een fietsstraat een passende maatregel is en welke inrichting nodig is om die straat ook daadwerkelijk veilig te laten functioneren.
Bron: letselschade.nu